VV05 Omslag 600
Oktober 2025

‘Krachtige besturingssystemen profiteren van data en AI’

Interview met John van Vugt, vakspecialist Elektrotechniek en Markt bij Techniek Nederland

10 01

Waar installatiedeskundigen van oudsher vaak naar losse systemen keken – -besturingen voor elektrotechniek, klimaatinstallaties en beveiliging – zullen deze steeds verder integreren. ‘In de toekomst gaan we naar volledig geïntegreerde energiemanagement- en besturingssystemen. We krijgen de beschikking over krachtige systemen die met vele soorten data en AI steeds intelligenter worden’, zegt John van Vugt, vakspecialist Elektrotechniek en Markt bij Techniek Nederland.

De energietransitie vraagt om slimme en flexibele oplossingen die zorgen dat we duurzame bronnen effectief inzetten. Logisch dus dat we steeds nadrukkelijker naar een energiemanagementsysteem (EMS) kijken. Een slimme besturing is onmisbaar om gebouwen efficiënt, duurzaam en toekomstbestendig te maken. Maar wat is precies het belang van een dergelijke besturing en wat is er nodig om deze goed te laten functioneren. Met John van Vugt bespreken we de randvoorwaarden, de actuele ontwikkelingen en de haken en ogen die daaraan zitten.
‘Zodra je de energiestromen in een gebouw, bedrijfspand of woning slim wilt inzetten en aansturen, moet je als eerste het gebruiksprofiel heel helder in kaart brengen. En dan bedoel ik niet het energiegebruik, maar het gebruik van het pand. Heb je een kantoorgebouw, zorg dan dat je van dag tot dag weet hoeveel mensen er werken, waar in het pand ze werken, en liefst ook van uur tot uur waar mensen aanwezig zijn. Bij een bedrijfspand wil je weten wat de grote energiegebruikers zijn en wanneer deze aan staan. Ook moet duidelijk zijn wat voor apparaten of machines het zijn. Mag je ze bijvoorbeeld tijdelijk uitschakelen en zo ja, wat zijn de randvoorwaarden. Bij een woning is vaak de verwarmingsinstallatie het meest kritisch, zeker als de woning een all-electric warmtepomp heeft.’

Verbruik optimaliseren

Met de toenemende elektrificatie van ons energiegebruik, merken veel gebouweigenaren dat hun aansluiting steeds krapper wordt. Uitbreiding van die aansluiting is door netcongestie op veel plaatsen onmogelijk, dus resteert alleen de optie om je verbruik te optimaliseren. ‘Kom je als installatie-adviseur bij de klant om hem te helpen zijn energiegebruik slimmer in te zetten, dan zal je dus eerst het gebruikersprofiel in kaart moeten brengen. Pas als je weet hoe iemand zijn pand benut, welke functies en welke grote energiegebruikers aanwezig zijn, kun je bepalen hoe de energiestromen over de dag variëren. Zodra dat inzicht er is, kun je gaan denken aan het effectief inzitten van een EMS. Naast een EMS zul je, samen met de klant, ook vaak keuzes willen maken in de wijze van opwekking, opslag en gebruik van de energie’, zegt Van Vugt.
Veel eigenaren van gebouwen, bedrijfspanden en woningen kiezen, wat betreft de herkomst van hun energie, steeds vaker voor duurzame bronnen en deels ook eigen opwekking. Met een warmtepomp haal je bijvoorbeeld energie uit de omgeving, maar ook opwekking van zonne-energie via pv-installaties of pvt-panelen is steeds gebruikelijker. Daarnaast zijn er steeds meer verschillende energiecontracten die je slim kunt inzetten, tenminste als je weet wat het gebruikersprofiel is en je de belangrijke energiegebruikers in je pand of woning slim kunt aansturen.

‘Voeden van EMS zal komende jaren steeds geavanceerder worden’

Spel tussen vraag en aanbod

‘Een energiemanagementsysteem vormt uiteindelijk de schakel tussen vraag en aanbod. Aan de ene kant staan de gebruikersprofielen: de aanwezigheid van mensen, de inzet van machines of het gebruik van ruimtes. Aan de andere kant staan de energiebronnen: lokaal opgewekte zonne-energie, batterijen, beschikbare warmte, het type energiecontract en het openbare net. Het EMS zorgt ervoor dat de vraag en het aanbod optimaal op elkaar aansluiten. Daar kun je ook een eenvoudige formule op loslaten. De flexibiliteit van energie wordt bepaald door het product van de hoeveelheid Watt x tijd x prijs.’
Om dit principe en de rol van een energiemanagementsysteem te verduidelijken grijpt Van Vugt terug op een handig ontwerpschema. ‘Dit is niet nieuw. Dit principeschema staat al een aantal jaar in NEN 1010, deel 8. Het model toont aan de ene kant van het EMS de energiebronnen, de beschikbaarheid en de prijs. Aan de andere kant van het model vind je het energiegebruik en het belastingprofiel in tijd. Het EMS heeft als taak om beide kanten van het model in balans te brengen en te houden tegen de meest voordelige prijs.’
Aan de hand van het model laat Van Vugt zien dat het EMS ook moet worden gevoed. Enerzijds door de gebruiker, die bijvoorbeeld waarden invoert over de systemen die gekoppeld zijn en over bedrijfstijden. Anderzijds krijgt het EMS informatie van bijvoorbeeld energieleveranciers over beschikbaarheid en prijs.

Systemen goed voeden

‘Hoe meer en beter we het EMS kunnen voorzien van belangrijke informatie, hoe efficiënter en flexibeler hij de energievoorziening kan sturen. Door hem goed te voeden, kan het systeem bepalen welke belastingen prioriteit hebben – zoals warmtepompen in de winter – en welke apparaten hij tijdelijk mag uitschakelen zonder comfort of continuïteit in gevaar te brengen. Daarmee ontstaat een optimale balans tussen verbruik, kosten en beschikbaarheid. Juist dat voeden van een EMS zal de komende jaren steeds geavanceerder worden.’
‘Het is belangrijk’, zo zegt Van Vugt, ‘dat het inzicht in het gebruik steeds fijnmaziger wordt. Zoek in een bedrijfspand eens naar je vijf grootste energiegebruikers en ga deze om te beginnen apart bemeteren en zo mogelijk apart aanstuurbaar maken. Ik noem deze vaak ‘the big five’. Zodra je die los kan aansturen, heb je al veel gewonnen. Ook in een kantoor kun je verschillende afdelingen apart aanstuurbaar maken. Als op vrijdag maar de helft van je mensen op kantoor is, zorg dan dat je bepaalde afdelingen kunt uitschakelen. In de toekomst zal kunstmatige intelligentie (AI) ons daar steeds beter bij helpen. Hoe meer ruimtes en apparaten we met sensoren uitrusten, hoe gemakkelijker het wordt om op basis van al die data hele specifieke gebruikersprofielen samen te stellen. En die profielen zijn vervolgens weer perfecte input voor een EMS.’

10 02

Samenwerking met de omgeving

‘Uiteindelijk is een gebouw altijd gekoppeld aan mensen en/of machines. Niemand zet een gebouw zonder functie neer. En het gebruik door mensen en machines kunnen we steeds nauwkeuriger monitoren; AI maakt dat alleen maar gemakkelijker en nauwkeuriger. Tegelijk blijft er altijd een rol voor de gebruiker, de adviseur of de system integrator die systemen moet voeden en beslissingen moet definiëren.’
Van Vugt beaamt dat de rol van de gebruiker of de installatie-adviseur deels ook door andere systemen kan worden overgenomen. ‘Er komen steeds meer factoren bij die ook een rol spelen in de aansturing van een gebouw en zijn energiehuishouding. Denk bijvoorbeeld aan het weer. Op basis van weersverwachtingen gaan we steeds vaker de inzet van de klimaatinstallatie aansturen. En als je op basis van het te verwachten weer weet wanneer je verwarming of koeling nodig hebt, kun je het systeem laten bepalen wanneer je het beste de klimaatinstallaties kunt laten draaien. Als daar stroom voor nodig is, kun je bijvoorbeeld een batterij van tevoren laden, zodat de warmtepomp die elektriciteit gebruikt als het koud wordt.’
Maar voor adviseurs en system integrators is het verstandig om vaker wat verder te kijken dan naar één gebouw. ‘Energie uitwisselen met naburige gebouwen en bedrijven of in wijkverband wordt steeds gebruikelijker. EMS-technologie maakt het mogelijk – als je die systemen met elkaar laat communiceren – om overtollige energie te delen of gezamenlijk opslagcapaciteit te benutten. Dit vraagt om nieuwe rollen en samenwerkingsvormen, ook in de installatiesector.’

Interactie tussen systemen

Om te zorgen dat een energiemanagementsysteem over zo veel mogelijk data kan beschikken en ook zoveel mogelijk systemen kan aansturen, is het belangrijk om voor open systemen te kiezen. Volgens Van Vugt moet je als installatie-adviseur of system integrator zorgen dat systemen ten minste via het S2-protocol kunnen communiceren. Dat protocol voldoet aan EN 50491, de Europese standaard voor energiebeheer in gebouwen.
‘De bekende protocollen, zoals KNX, BACnet, Zigbee en Z-wave voldoen aan EN 50491. Daarmee heb je dus de zekerheid dat je de data uit die systemen kunt inlezen en dat je die systemen ook in meer of mindere mate geavanceerd kunt aansturen. Kies je voor een gesloten systeem, met een eigen protocol dat niet universeel uit te lezen is, dan heb je geen mogelijkheden om slim te sturen. Je kunt dan alleen de spanning eraf halen of erop zetten. Maar dat is vaak niet bevorderlijk voor een installatie of apparaat.’
Daarnaast speelt de relatie en vooral de interactie met netbeheerders een steeds grotere rol. ‘Je ziet het soms al, maar ik verwacht dat we in de toekomst  energiemanagementsystemen van gebouwen of bedrijven steeds vaker aan de systemen van netbeheerders zullen koppelen. Bij sommige bedrijven kunnen ook specifieke grote apparaten of buffervaten zo’n directe aanstuurbare koppeling krijgen. Dit kan interessant zijn, omdat de netbeheerder daarvoor een vergoeding geeft of omdat je dan van meer ruimte op het net kunt profiteren. Uiteindelijk zal zo’n koppeling ervoor zorgen dat we met z’n allen het energienet stabieler en flexibeler benutten. Denk aan grote boilers of warmtepompen die, door een seintje van de netbeheerder, automatisch bij- of afschakelen wanneer er pieken of dalen in het net ontstaan of dreigen te ontstaan.’

‘Installatiedeskundige van de toekomst is ook -systeemarchitect en -partner in energiebeheer’

Gevolgen van AI en digitalisering

De rol en ook de invloed van kunstmatige intelligentie in het totale domein van energiemanagement en gebouwbeheer groeit snel. AI kan voorspellen hoeveel energie een gebouw nodig heeft op basis van bijvoorbeeld de agenda’s van medewerkers, de weersvoorspellingen en/of historische data. Die input maakt het mogelijk om installaties dynamisch aan te sturen en gebouwen nog slimmer te maken.
‘Voor installatiedeskundigen betekent dit dat zij vaker te maken krijgen met data, software en protocollen. Kennis van digitalisering en systeemintegratie wordt net zo belangrijk als kennis van traditionele elektrotechniek of werktuigbouwkunde. De vraag is wel welke plek je als adviseur, installateur of system integrator in deze keten wilt innemen. Heb je de ambitie om de klant juist ook bij die integratie en het slim aansturen van systemen te helpen, dan moet je die kennis van de digitalisering je eigen maken.’
‘Tegelijk zullen er ook nieuwe specialisten opstaan die zich op dit specifieke domein van energie- en gebouwbeheer met behulp van data en AI richten. Zij zullen het daadwerkelijk installeren van elektrotechnische en werktuigbouwkundige installaties aan traditionele installatiebedrijven overlaten.’
Van Vugt stelt vast dat de rollen die installatiedeskundigen moeten vervullen, steeds breder worden. ‘Een belangrijke rol is om als adviseur naast de klant te gaan staan om hem of haar te helpen bij de keuzes die nodig zijn. Of je gaat als systeem integrator aan de slag om al die technische installaties te laten samenwerken. Anderen zullen kiezen voor het vak van installateur. Veel bedrijven zullen echt moeten specialiseren.’

Cybersecurity: een serieuze randvoorwaarde

Met de groeiende digitalisering groeit ook de kwetsbaarheid van de systemen. ‘De cyberrisico’s in IT-systemen kennen we al langer. Ook in procesinstallaties zijn organisaties al gewend aan de risico’s die met een internetkoppeling gepaard gaan. Maar ook in de operationele techniek, OT, moeten we ons heel erg bewust zijn dat elk verbonden apparaat een mogelijk toegangspunt vormt voor hackers. Operationele techniek in gebouwen verbonden met internet, kan grote risico’s bevatten als we die niet goed beveiligen; een gehackte warmtepomp of omvormer van zonnepanelen kan uiteindelijk een hele wijk platleggen.’
Daarom zijn cybersecurity-eisen inmiddels onlosmakelijk verbonden met EMS. Fabrikanten moeten voldoen aan Europese normen, zoals de EN 50491. ‘Op hun beurt dragen installatiedeskundigen een verantwoordelijkheid om wettelijke eisen en voorschriften van de fabrikant door te geven aan hun klanten. Het gaat om zaken als wachtwoordbeheer, software-updates uitvoeren, toegangscontrole en gegevensbeveiliging. Ook in dat opzicht is de installatiedeskundige van de toekomst meer dan een adviseur of uitvoerder: of je het nu wil of niet, je moet tot op zekere hoogte ook systeemarchitect en partner in energiebeheer zijn.’
‘Als jij een klant wil voorzien van omvormers, batterijen of andere slimme technieken, dan mag die klant verwachten dat je ook aandacht besteedt aan cybersecurity. Grotere partijen kunnen voor die verschillende rollen aparte afdelingen met specialisten inrichten. Voor kleinere bedrijven is het veelal interessant om een nauwe samenwerking aan te gaan met partners of leveranciers die het specialistische werk uitvoeren. Uiteindelijk komt het erop neer dat EMS, digitalisering en AI een sleutelrol vervullen in de transitie. Opdrachtgevers willen de zekerheid van een toekomstbestendig en veilig gebouw dat optimaal met zijn energie omgaat. En daarvoor is kennis van nieuwe technieken onontbeerlijk.’

Tekst: Rob van Mil
Fotografie: Bart van Overbeeke