VV06 cover 600
September 2026

PowerStove ­bekroning op ­gasloos ziekenhuis

Duurzaam

42 01

Met twee wko’s, meer dan 10.000 zonnepanelen en een nieuw batterijsysteem heeft ­ziekenhuis Nij Smellinghe haar energievoorziening bijna volledig verduurzaamd. Bijna, want wegens beperkte netcapaciteit lukte dat niet voor cruciale processen zoals stoom. Tot het ziekenhuis in Drachten op de PowerStove stuitte die voor meerdere dagen warmte tot 360 °C kan opslaan. ‘Vanaf 2027, als de installatie in werking wordt gesteld, zijn we het eerste bestaande ziekenhuis dat volledig van het gas af gaat’, zegt Arno Vredevoort, manager technisch beheer en onderhoud.

Nij Smellinghe hanteert een lange termijnvisie op verduurzaming. ‘In 2019 zijn we begonnen met zonnepanelen op parkeerplaatsen en op onze daken’, licht Arno Vredevoort, manager technisch beheer en onderhoud, toe. ‘Die wekken jaarlijks 3.000.000 kWh op waarvan we driekwart zelf gebruiken. De rest leveren we terug aan het net. Door afschaffing van de salderingsregeling loont dat laatste niet meer. Daarom hebben we in mei 2026 een lithiumbatterijsysteem van 1,6 MW/ 3,08 MWh geplaatst. Daarin kunnen we onze elektriciteit opslaan en er ook weer uit halen wanneer dat nodig is. Verder hebben we twee wko-installaties op ons terrein, de eerste sinds 2022, de tweede sinds begin 2026. Ook gaan we al onze gevels vervangen door goed geïsoleerde buitenmuren met triple glas en kozijnen.’
Een ziekenhuis functioneert net even iets anders dan een kantorencomplex, met name als het gaat over de energievoorziening. Als de stroom in een kantoor voor korte tijd uitvalt, dan is dat vervelend, bij een ziekenhuis meteen levensbedreigend. Nij Smellinghe heeft dan ook een hele serie maatregelen genomen om dat te allen tijde te voorkomen. Zo draait het batterijsysteem op een eigen transformatorstation van 10 kV / 690V, terwijl het leidingtracé zo kort mogelijk is gehouden.

Stoom

Ruim zes jaar geleden kon het ziekenhuis niet voorzien dat de salderingsregeling zou vervallen, noch dat het openbare net – ook hier – de grenzen van de capaciteit zou gaan bereiken. ‘Met onze twee wko’s en warmtepompen liepen we al tegen netcongestie aan’, zo gaat Vredevoort door. ‘Bij netbeheerder Liander hebben we eerst een aanvraag gedaan voor extra elektra om ook onze stoomproductie te verduurzamen. Dat zat er niet in, wel een CBC-contract. Dit contract geeft de zekerheid voor basiscapaciteit én ruimte om extra vermogen te gebruiken als het net dat toelaat. Bij dreigende netcongestie past ons EMS automatisch het gebruik van de systemen aan, denk aan laadpalen, wko’s en de batterij. Dankzij die flexibiliteit kunnen we blijven (ver)bouwen zonder het net te belasten.’
De vraag die het ziekenhuis zich vervolgens stelde, was hoe de kloof van 60 à 70 °C vanuit warmtepompen en wko met stoom op minimaal 130 °C kon worden gedicht. Dat is voor de sterilisatie van medische instrumenten, de keuken, luchtbevochtiging en hun apotheek zeker noodzakelijk.

42 02Arno Vredevoort: ‘Jaarlijks wekken onze zonnepanelen 3.000.000 kWh op waarvan we driekwart zelf gebruiken.’

Wat volgde, was een zoektocht naar alternatieven voor gasgestookte ketels. Waterstof viel af. Dat bleek niet alleen twee keer zo duur, maar zou ook betekenen dat er elke dag drie vrachtwagens het terrein van het ziekenhuis op en af zouden rijden. Hete lucht dan? Bij de productie van aardappelchips in Broek op Langedijk is dat inmiddels een beproefd procedé: jaag hete lucht, opgewekt met stroom, op meer dan 800 °C door een container met stalen kogels die de warmte voor langere tijd kunnen vasthouden. De energiedichtheid van die oplossing viel Nij Smellinghe echter tegen.
‘Tot Energy Check, onze energieadviseur, zei: ‘in Zwolle zit een bedrijf die de warmte niet transporteert met lucht, maar met thermische olie’. Die olie wordt verwarmd en geeft warmte af aan een soort ijzererts in een grote container waar warmtewisselaars doorheen lopen. We zijn toen naar hun opstelling gaan kijken, vroegen de uitvinder het hemd van zijn lijf en raakten enthousiast. Dit soort erts is duurzaam, zowel in winning als gebruik, en kan decennia meegaan. Bovendien heeft de zogeheten PowerStove slechts weinig onderdelen die gemakkelijk vervangen kunnen worden en maakt de installatie gebruik van bewezen technieken. Dat sprak ons bijzonder aan.’

Bakkerijen

Hans Wolters (70 jaar) is uitvinder van de PowerStove, op de markt gebracht door zijn nieuwe bedrijf Heatwacht. In een schuur vlak naast zijn woonboerderij, randje Zwolle, draait de warmtebuffer al twee jaar tot volle tevredenheid, gevoed door stroom uit zijn zonnepanelen. Hoewel de kern van de installatie ruim 340 °C kan bereiken, blijft de buitenkant alleen voelbaar warm.
Wolters begon op 16-jarige leeftijd als loodgieter, daarna als installateur. Tijdens een van zijn klussen moest hij een storing aan een silo voor een bakkerij verhelpen: zijn belangstelling voor opslag, bedrijfszekerheid en precisie was geboren. In 1989 richtte hij Silowacht op, een onderneming die zich specialiseerde in service en onderhoud van installaties bij industriële bakkerijen. Toen Wolters in 2018 Silowacht verkocht, kwam er tijd vrij voor een nieuwe ambitie: energieopslag zonder gas. Nee, niet in batterijen die indertijd opgeld deden, maar in warmte.
‘Voor een industriële bakkerij heb je voor de ovens hoge temperatuur warmte nodig’, zegt hij. ‘Dan red je het niet met batterijen om al die energie op te slaan. Dat neemt hectares in beslag, nog afgezien van slijtage van onderdelen, beperkte levensduur en mogelijk brandgevaar. Ik ging op zoek naar welk soort materiaal geschikt is om warmte voor langere tijd, onder hoge temperaturen en volkomen veilig op te slaan.’

42 03Thermische olie wordt verwarmd en geeft warmte af aan magnetiet in een grote container waar warmtewisselaars doorheen lopen.

Magnetiet

Na bijna twee jaar zoek- en speurwerk op internet, gesprekken met vakbroeders en zijn eigen ervaringen als loodgieter kwam Wolters uit op magnetiet, een soort ijzererts dat in Zweden bij staatsbedrijf LKAB zo duurzaam mogelijk wordt gewonnen en tot 2060 ruim voorradig is.
‘Magnetiet’, verklaart hij, ‘heeft een hoge energiedichtheid en uitstekende thermische geleiding, is stabiel op hoge temperaturen en verliest ook na tienduizenden laad- en ontlaadcycli amper energie; een paar procent per jaar. Aan het eind van de levensduur van de installatie, als het gebouw wordt gesloopt, is het erts hetzelfde gebleven en kun je het weer als grondstof gebruiken.’

‘Het gebruik van thermische olie heb ik een-op-een uit de bakkerijwereld overgenomen’

Bestaande technieken

De PowerStove past bestaande technieken uit de industrie toe. Naast thermische opslag heb je immers ook een transportmedium nodig. Al ruim driekwart eeuw werken industriële bakkers met thermische olie voor verwarming van hun ovens, aangedreven door aardgas en later door elektriciteit. Die olie werkt bij lage druk en heeft een hoog temperatuurbereik (tussen de 300 en 400 °C) zonder dat het gaat koken of verdampen. Veiligheid wordt sinds jaar en dag gecontroleerd.
Wolters heeft er vele decennia mee gewerkt. ‘Thermische olie voldoet aan de nodige vergunningen’, stelt hij. ‘Verzekeringen waren al via mijn oude klanten afgedekt. Dat was geen onderwerp van discussie. Het gebruik van thermische olie heb ik een-op-een uit de bakkerijwereld overgenomen. Brandgevaar is uitgesloten. Voor de uitwisseling van warmte in en uit de buffer hebben we een eigen wissellaar ontworpen. Dat kostte behoorlijk veel tijd en is nu gepatenteerd. Nij Smellinghe krijgt twee modules, elk met 42 wisselaars die gespiegeld zijn neergelegd.’

42 04De twee PowerStoves voor Nij Smellinghe zijn nogal groot: samen 18 m lang, 5 m hoog en 4 m breed.

Werkzaamheden

Edwin Visscher heeft ruime ervaring in besturingstechniek en projectmanagement, Douwe de Vries in werktuigbouwkunde. Als kleine zelfstandigen zijn ze ingeschakeld door Heatwacht om de berekeningen voor en de besturing van de PowerStove uit te voeren. Medio mei zijn de eerste van vele dozijnen palen voor het gebouw de grond in geheid, na de bouwvak start de opbouw van de warmtebatterij. Visscher schetst de uitdagingen van het project.
‘De twee PowerStoves voor Nij Smellinghe zijn nogal een gevaarte, groter dan de opstelling bij Wolters thuis’, zegt Visscher. ‘Ze zijn samen 18 m lang, 5 m hoog en 4 m breed. Elke PowerStove weegt ongeveer driehonderd ton, een gigantisch gewicht. Om die modules komt straks het gebouw: 30 m lang, 6 m breed en 7 m hoog. Toen de locatie beschikbaar kwam, stuitten we op een gasleiding en een riolering. Daardoor moesten we eerst nog enkele neventrajecten uitvoeren voordat met de opbouw van de warmtebatterij gestart kon worden. Als de betonvloer is gestort, komen we met bodem-isolatie, de container en vullen de bak. Daarna wordt de installatie opgebouwd. Rond de jaarwisseling hopen we te starten met het in productie nemen van de PowerStove.’
Net als Wolters benadrukt hij dat aan de strengste veiligheidseisen wordt voldaan. ‘Het is een vrij statisch proces. De PowerStove heeft relatief weinig onderdelen en werkt met thermische olie bij hoge temperaturen. Open en bloot is dat best wel gevaarlijk, maar met mechanische afscherming is de veiligheid gegarandeerd. We hebben onze eigen besturing voor laden en ontladen en koppelen dat aan het GBS van Johnson Control. Envitron uit Groningen, ook betrokken bij het Solar Transferium in Zwolle, regelt afzonderlijk het energiemanagementsysteem.’

‘Elke PowerStove weegt ongeveer driehonderd ton, een gigantisch gewicht’

Stoomketels

Arno Vredevoort wil nog wel iets kwijt over de bewaking van het energiesysteem van het ziekenhuis. Niet alleen voor de batterij heeft Nij Smellinghe de nodige achtervang, ook voor de warmtebuffer is dat geregeld.
‘Een van de nadelen van de PowerStove is dat het veel ruimte in beslag neemt’, zegt hij. ‘Maar als we dat elektrisch zouden uitvoeren, dan moesten we die infrastructuur ook op de schop nemen. Momenteel hebben we twee gasgestookte stoomketels die we straks, als de warmtebatterij in bedrijf wordt gesteld, in de mottenballen zetten. De infrastructuur erachter blijft echter een jaar intact. Mocht de PowerStove – in het onwaarschijnlijke geval – niet goed werken, dan kunnen we op die ketels terugvallen. Met de PowerStove haken we op de bestaande infrastructuur in.’

42 05Om de modules komt straks een nieuw gebouw: 30 m lang, 6 m breed en 7 m hoog.

Eerste project

John Pannen, een ervaren financieel directeur met uitgebreide expertise in strategisch management, is sinds begin 2026 directeur van Heatwacht. De laatste 21 jaar heeft hij voor Hanzestrohm gewerkt, een groep bedrijven die vanuit een technisch portfolio specialistische producten en diensten voor de woningbouw en industrie aanbiedt. Na veertien jaar als CFO nam hij in januari 2025 afscheid van Hanzestrohm.
‘Als ik nog een keertje iets anders wil, dan moet ik het nu doen’, vertelt hij. ‘Na een aantal gesprekken met Hans dacht ik ‘dit is wel een heel interessante klus’. Er zit ook een kapitaalkrachtige investeerder achter, Gerrit Tijhuis van Molenbeek Invest, een grote bouwondernemer uit Rijssen (die bovenin de Quote 500 staat. red.). Wat het plaatje voor mij compleet maakte, was dat de PowerStove een oplossing biedt voor verduurzaming van bedrijfsprocessen en het verzachten van netcongestie, waarvoor steeds meer bedrijven bij de netbeheerder in de rij staan.’
Plaatsing van de PowerStove voor Nij Smellinghe is dus het eerste grote project voor Heatwacht. ’We hebben het systeem gedimensioneerd op twee tot drie dagen opslag per week’, zegt Pannen. ‘Dat is een heel mooi overzichtelijk proces, waarbij we in de avond en tijdens het weekend kijken wanneer we kunnen laden. De PowerStove kan warmte ook voor kortere of langere tijd bufferen. Dat is echt wat anders dan wanneer je met een lithiumbatterij gaat werken. Die kan dat alleen voor een aantal uren, degradeert in de loop der tijd en moet je na tien jaar vervangen. De PowerStove heeft gaat minstens 30 jaar mee.’

Opschaling

Ondertussen is Heatwacht gestart met doorontwikkeling van de PowerStove van versie 1.0 naar versie 2.0. Daarin richt de onderneming zich vooral op de versnelling van de laadcapaciteit. ‘Als laden sneller gaat’, zegt Pannen, ‘dan kunnen we de kostprijs per kilowattuur naar beneden krijgen, de belangrijkste kostencomponent tijdens gebruik. Nu nog profiteren we van DEI+ subsidie (demonstratie energie- en klimaatinnovatie) van RVO. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de EIA (energie investering aftrek) en VEKI (versnelde klimaatinvesteringen industrie), twee aantrekkelijke regelingen om verduurzaming te financieren.’
Inmiddels lopen er verschillende gesprekken met partijen, eerst en vooral met een aantal grote ziekenhuizen, maar ook met voedsel- en zuivelproducenten en zelfs met tuinders. ‘We voeren eerst een quickscan uit met data die ze beschikbaar stellen’, licht hij toe. ‘Daarna gaan we kijken of het, op basis van ons thermische rekenmodel, interessant is om een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren. De kosten van de quickscan komen voor onze rekening, die van het onderzoek voor hen.’
Zo’n haalbaarheidsonderzoek is maatwerk, weet ook hij. ‘Aan de ene kant heb je de PowerStove, aan de andere kant het proces bij de klant. Als we een fase verder gaan, vragen we kwartierdata uit, zodat we precies kunnen zien op welke momenten in de dag die klant een bepaalde energievraag heeft. Hoeveel aardgas vraagt het proces, wat doet dat met de energieprijs? Hebben ze andere duurzame bronnen, warmtepompen, een wko, zonnepanelen? Dat zullen we moeten uitzoeken.’
Kansen liggen er volgens Pannen genoeg. ‘Eigenlijk overal waar stoom op 100 tot 250 °C wordt gemaakt. Bij netcongestie kan de PowerStove een verzachtende rol spelen. Bedrijven die geen grotere netaansluiting (meer) kunnen krijgen, zijn met de PowerStove in staat om het net te ontlasten, waardoor andere contractvormen mogelijk worden. Het zou mooi zijn als we dit jaar enkele quickscans kunnen doen en een aantal haalbaarheidsstudies mogen uitvoeren’, besluit hij.

Tekst: Tseard Zoethout
Fotografie: Annemarie Fotografie, Powerstove

Meer weten over innovatieve technieken en ontwikkelingen?
Meld u dan nu aan voor onze gratis nieuwsbrief.